Hoe thema’s werken
Een thema doet drie dingen. De professor krijgt er de juiste kennis en toon bij: bij spoorzoeken redeneert hij mee als detective, bij water waarschuwt hij voor gladde oevers. De verzameling krijgt eigen categorieën en zeldzaamheidssterren per thema, zodat een zeldzame schelp net zo glimt als een zeldzame kever. En de kinderen zien welke thema’s aanstaan, zodat ze weten waar ze op kunnen letten.
Organisaties en scholen kiezen zelf welke thema’s aanstaan. Een bezoekerscentrum aan de kust zet natuur en strand aan, een school in de stad kiest stadsnatuur en seizoensmissies, een scoutinggroep kiest spoorzoeken voor het kamp. Thema’s zijn per seizoen aan te passen.
Ideeën die we onderzoeken
- Vogels op geluid. Een korte opname van een vogelzang in plaats van een foto, voor de vogels die je wel hoort maar niet ziet.
- Nachtnatuur. Vleermuizen, uilen en nachtvlinders bij een lampje, voor kampen en nachtwandelingen.
- Boerderij en moestuin. Gewassen, boerderijdieren en de insecten die de tuin helpen.
- Weer en lucht. Wolkensoorten, regenbogen en de maan: geen natuur die je kunt aanraken, maar wel om te verzamelen.
- Badges en klasrecords. Titels als “Kevermeester” of “Paddenstoelenprofessor” bij vijf vondsten in één categorie, en een klasoverzicht voor de leerkracht.
Heb je een thema dat bij jullie gebied hoort? Laat het ons weten; de leukste ideeën komen uit het veld.